Doorbraak – Artikel van Dirk Rochtus – 9 februari 2021

Radiojournalist Chris Van den Abeele maakte afgelopen vrijdagavond het nieuws bekend in Vlaanderen: een 95-jarige vrouw staat in Duitsland terecht omdat ze van juni 1943 tot april 1945 als secretaresse van SS-Obersturmbannführer Paul-Werner Hoppe, commandant van het KZ (Konzentrationslager) Stutthof bij Danzig (het huidige Gdansk in Polen), medeplichtig zou geweest zijn aan de moord op tienduizend gevangenen. Irmgard F. zou ‘Beihilfe zum Mord’ hebben geleverd, zoals dat in het Duits heet. Zelf heeft ze al in 1954 getuigd dat Hoppe haar dagelijks brieven dicteerde, maar dat ze nooit berichten over de vergassing van Joden onder ogen heeft gekregen. Gaat het hier om een geval van ‘Wir haben es nicht gewusst’?

Moordmachine

Het juridische denken in Duitsland is de laatste jaren veranderd. In die zin dat iedereen nu als schuldig geldt die door zijn of haar werken bijgedragen heeft tot het functioneren van een naziconcentratiekamp. Ongeacht de eigen individuele daden en de grootte ervan. Sinds 2011 treedt het Duitse gerecht ook op tegen bewakingspersoneel en mensen met een hulpfunctie in concentratiekampen. Vorig jaar stelde een historicus in een advies over Irmgard F. dat haar functie van secretaresse ‘elementair’ was voor de werking van het concentratiekamp.

Geweten

Afgelopen zomer werd een 93-jarige voormalige bewaker van hetzelfde concentratiekamp veroordeeld tot een ‘Jugendstrafe auf Bewährung’ (voorwaardelijke jeugdstraf). Dat hij een ‘Befehlsempfänger’ (ontvanger van bevelen) was, bevrijdde hem volgens de rechter niet van schuld. Ze zei letterlijk tegen hem: ‘Sie hätten versuchen müssen, sich zu entziehen, und Sie hätten sich entziehen können.’ (‘U had moeten proberen om u eraan te onttrekken en u had zich eraan kunnen onttrekken’).

De kampbewaker had in die optiek dus om overplaatsing naar het front moeten vragen. Vanuit diezelfde juridische opvatting had de 18-jarige Irmgard die werkte als ‘Schreibkraft’ (typiste) haar ontslag moeten geven. Gevraagd naar de reden had ze in dat geval haar overste Hoppe, een hooggeplaatst SS-officier, waarschijnlijk moeten opbiechten dat ze haar job als typiste in het concentratiekamp niet met haar geweten in overeenstemming kon brengen. Vandaag geldt in Duitsland de rechtsopvatting dat ook ondergeschiktheid niet van schuld bevrijdt. De verdediging zal dus de vrees van Irmgard F. voor eventuele repercussies niet als verzachtende omstandigheid kunnen aanvoeren.

De dans ontsprongen

Geldt de Duitse spreuk: ‘Die Kleinen hängt man, die Großen lässt man laufen’ (‘De kleintjes hangt men op, de groten laat men lopen’) ook voor degenen die functioneerden in een concentratiekamp? Een van die ‘groten’, kampcommandant Hoppe (1910-1974), werd in 1956 alvast tot negen jaar gevangenisstraf veroordeeld. Die straf heeft hij uitgezeten. Maar hoeveel oorlogsmisdadigers of prominente ondersteuners van het nationaalsocialistische regime zijn na 1945 niet de dans ontsprongen in Duitsland?

Het Braunbuch (1) dat in de DDR verscheen, mocht dan wel als een propagandistisch werkstuk overgekomen zijn, het somde wel grotendeels correct (aldus de Britse historicus Richard J. Evans) de haast tweeduizend officieren, rechters, professoren en ambtenaren op die na 1945 zonder veel hindernissen verder konden werken in West-Duitsland. Omgekeerd konden er ook in de DDR een duizendtal mensen met een naziverleden opklimmen in belangrijke functies (2). Het volstond dat ze zich tot het communisme bekeerd hadden. Dat schreef ook Günter Schabowski, gewezen lid van het politbureau van de SED (de leidende partij van de DDR), in het voorwoord van het boek van Olaf Kappelt.

Veroordeling

In de zaak van de 95-jarige vrouw is de ‘Jugendkammer’ (Jeugdkamer) van de rechtbank bevoegd. De aangeklaagde was ten tijde van het gebeuren immers ‘heranwachsend’ (letterlijk ‘opgroeiend’, dus minderjarig). Dat verleidde Van den Abeele in zijn onnavolgbare stijl tot de vraag of de vrouw in geval van veroordeling dan in een jeugdinstelling zou geplaatst worden. Van den Abeele mag van geluk spreken dat hij in het land van ironie en kolder leeft en werkt. In Duitsland zou een journalist voor die ironische opmerking het boetekleed moeten aantrekken.

Een reactie achterlaten