Op een zonnige dag in het voorjaar van 2015 reed ik met de fiets op de drukke Naamsesteenweg in Leuven. Het was er zoals steeds uitkijken geblazen omwille van het hectische verkeer, maar ook de voetgangers kunnen er wel eens voor problemen zorgen wegens hun roekeloos oversteekgedrag, de meerderheid zijn er studenten, vandaar. Op zeker moment zie ik een oudere jongere die klaar staat om zich op het zebrapad te begeven, ik rem ruimschoots op tijd af en laat de opvallend elegante man passeren.
Als instant bedanking krijg ik de mooiste glimlach die ik ooit in mijn leven mocht ontvangen, die van mijn geliefde en mijn zoon als kindje niet te na gesproken. Die superbeleefde kerel lachte met een spanwijdte van kamerbreed tapijt, zijn mond ontplooide zich in een vrolijke grimas die aan zijn beide oren raakte, zijn kletskale schedel ging er nog meer van glimmen en gans zijn lijf danste precies van blijdschap. Maar ik dacht direct: ik ken die man precies, was dat iemand van de televisie of een acteur die hier stevig in zijn rol zat van plezante jongen? Neen, hij leek me zoveel echter, dit was een authentieker iemand, in niks een komediant. Daarna gokte ik op een bekende sportman in zijn nacarrière, die ondanks zijn leeftijd nog net meekon met de jongeren en daardoor al dansend van plezier door het leven ging, of sprong. Ik geraakte er niet uit, ik durfde het hem net niet vragen, ook niet toen hij me nog uitbundig nazwaaide, ik stak schuchter mijn hand op en dacht nog: het misverstand is misschien wederzijds, hij denkt dat ik een gepensioneerde BV ben.

Het voorval liet me niet los, er was iets wat kriebelde, dus ik belde een hulplijn, ik wendde me tot mijn zoon Vincent en… binnen de kortste keren had ik het pasklare antwoord op mijn vraag. Aan de hand van mijn vrij accurate beschrijving kon hij haast meteen zeggen: maar papa, dat was toch Ludo Dierckxsens, gewezen profwielrenner en nog wel de aimabelste van gans het peloton, zijn ex -manager woont daar in die buurt. Ja natuurlijk, het ging om onze gewezen Belgisch kampioen, Ludo werd beroepsrenner op zijn… 29ste, weggeplukt vanuit een autofabriek waar hij als pistoolschilder had gewerkt. Hij was ook de man die na een ritzege in de Tour meteen bekende dat hij een “verkeerd” product had gebruikt ter herstel van een slepende knieblessure, het had misschien stimulerend gewerkt, zei hij er zelf bij. Dat was een ongezien staaltje van eerlijkheid en grootmoedigheid in de wielersport. Vincent legde me nog verder uit hoe “arbeidzaam” Ludo in het leven stond, hij was in zijn hart een eenvoudige werkmens gebleven, die voor iedereen een hartelijk woordje en een spontane glimlach over had. Zo kwam het dat er ook wel eens van hem geprofiteerd werd, en meer zelfs, dat hij het voorwerp van spot was bij meer glamoureuze coureurs. Ik hoorde aan het uitbundige relaas van mijn zoon dat hij een superfan was geweest van Ludo, dat verwonderde mij niet echt, Vincent trok graag partij voor onvervalste geaardheid met volks karakter, hij had een gezonde afkeer van gedrag met capsones en hovaardige manieren. Ik snapte perfect dat zo’n icoon van overbekende… bescheidenheid tot zijn idolen had behoord, ik weet zeker dat de argeloze kwetsbaarheid van (ex-)renner Ludo Dierckxsens hem zeer bekoord en gecharmeerd had. Even terzijde, ook Vincent was opgetrokken uit diezelfde fragiele en simpele materie.

Tien jaar later, op 29 mei 2025 kwam onze antiheld ten val tijdens de benefiet 1000 km voor Kom op Ten Kanker in Dendermonde. Er bleek al razendsnel meer aan de hand: Ludo had een acute hartaanval gekregen, hij was gewoon ter plekke neergezegen en op slag dood geweest. Dat grote en gulle hart van Ludo had zoveel gegeven in dit leven dat het opeens besloten had om te stoppen met kloppen. Volgens de media lag hij zielloos naast zijn fiets met een laatste grote glimlach bevroren op zijn gezicht. De tedere man was heengegaan, finaal toch nog geveld door zijn eigen kwetsbaarheid.

Op diezelfde 29ste mei vernam ik dat de zanger Freek (van het duo Suzan en Freek) een onverwachte en loodzware diagnose had gekregen, dramatisch en hallucinant van aard: het betrof een uitgezaaide longkanker, in het ultieme stadium. Om in te spelen op de verhaallijn in aanhef van dit stuk: ik kon mijn zoon niet meer bellen voor informatie, dezelfde tragiek was hem overkomen in 2017, een uitzichtloos verdict. Om mij beter te documenteren grasduinde ik even via google om wat achtergronden te vernemen van Freek (en Suzan). Ik kwam op een dubbelinterview met hen terecht, waarin Suzan heel subtiel en lichtvoetig een toespeling maakte op de… immense tederheid en kwetsbaarheid van Freek, een beminnelijke eigenschap, maar ze vreesde soms voor zijn grenzeloze mensvriendelijkheid, Freek zag nergens gevaar of kwaad, durfde niemand (ook niet terecht) afweren, was steeds beducht om een te scherpe waarheid te formuleren, hij bleef altijd maar hoffelijk en vol charme lachen, hij zou eerder zichzelf schade berokkend hebben dan zich met een minimum aan felheid te verweren. Suzan vertelde dit met een verliefde glimlach, Freek lachte minzaam terug, hij pakte haar handen, dook ietwat verlegen met zijn gezicht in haar loshangend haar, kuste haar voorzichtig in de hals, het was tederheid alom. Het laatste nieuws (5 juni 2025) over Freek en zijn terminale ziekte: men gaat inzetten op levensverlengende medicatie, de rest van de schier onmogelijke genezing leggen Suzan en Freek in handen van hun intense liefde. Dat was de mogelijkheid op een gelukkige afloop die ik mijn zoon ook gegund had.

Vincent zal deze week op 3 september reeds 7 jaar overleden zijn.
Dit geldt als tedere herdenking. Een moment voor de kwetsbaren.